Koen Peeters

Over “De Mensengenezer”

Vorig najaar werd door de ECI De Mensengenezer van Koen Peeters bekroond als het beste Nederlandstalige literaire boek. Een prijs die zeer terecht is omwille van de vele lagen dat het boek blootlegt en dit in een verhalende poëtische dragende stijl. Het neemt je bij de hand en je kan bijna niet anders dan de tocht die Remi in het boek maakt naar zichzelf, de ander en het bevreemdende in zichzelf, ook zelf te gaan in de mate dat herkenning van de gedeelde ervaringen je deel wordt.

Geraakt door de inspiratie die zich doorheen het boek weeft deelde Ludi van Bouwel tijdens haar lezing in de eerste conferentie wat haar doorheen het boek en de rijke en leerzame ervaringen van Remi inspireert om anders met de kwetsbaarheid van mensen, die een crisis leven, om te gaan.

Haar inbreng over dit boek maakte ook deel uit van wat de impuls gaf om de aangesneden thema’s van de eerste conferentie verder uit te diepen.

In het begin van het boek komt als eerste De geest in beeld die Koen Peeters als volgt omschrijft:

‘De geest. Deze geest, de genius, de daimon of hoe noemen we de kracht die iemand verrukt of rusteloos op pad stuurt, over de grenzen van generaties, continenten of zelfs beschavingen heen?’

Het is de ervaring van niet benoembare maar zeer aanwezige dimensies die de jonge Remi als kind beroeren en letterlijk in beweging zetten. Deel van deze beweging is het verkennen van grenzen, het bewegen in een landschap dat de wonden van de oorlog spiegelt.

Er is zoveel waar niet openlijk kan worden over gesproken maar zich voor het kind Remi heel sterk doorheen de dingen en de woorden van het dagelijkse leven verweeft.

In dit verband citeert de schrijver de woorden van de Engelse-Nigeriaanse schrijver Ben Okri:

‘Want een kind is een beeld van de tijd en de plaats. Het kind is altijd de bron.’

Het onzeglijke, niet benoembare alomtegenwoordige wordt de motor van een lange zoektocht die Remi letterlijk grenzen doet verleggen en hem als vanuit een ontembare innerlijke drang voor de studie van antropologie doet kiezen.

Een studie die hem zal inspireren de grenzen die hij tijdens zijn kinderjaren met de fiets overschreed steeds verder te verleggen on uiteindelijk aan te komen bij het diepe levensbesef dat we de ander steeds in een grenszone ontmoeten, waar de een niet met de ander samenvalt, maar dat in het onderscheiden en tegelijk raken van elkaar zich een verrijkende communicatie ontspint, die tot ware ontmoeting leidt.

Het wordt een lange zoektocht die zich boeiend doorheen vele mysterieuze ontmoetingen doorheen het boek ontvouwt met als centrale vraag: wat kan de wonden doen helen?

In Afrika wordt hem op een bepaald moment deze vraag gesteld: ‘Wil je naar de Yaka, Remi?

Naar hun dorpen? Ik knikte. Ja, dat was het. Dat zou me dichterbij brengen.’

En verder voltrekt zich de ontmoeting met de Yaka, die voor Remi dimensies van leven onthullen die hij niet eerder had verkend maar door zijn ervaringen uit het verleden toch ook herkent.

Ergens in het boek deelt de schrijver zijn ervaring met het proces van schrijven dat zich in samenspraak met zijn vroegere professor voltrekt:

‘Ik dacht dat ik mijn oude studie aan de universiteit weer moest opnemen. Er was een scriptie die ik gewoon nog moest afwerken, maar ik kwam terecht in een verhaal dat honderd jaar overspant en twee continenten bestrijkt. Dit verhaal gaat over een wereld die allang vervlogen is: een boerenbestaan dat verdwenen is, een koloniaal verleden dat men nauwelijks nog kan vatten. Die vergane eeuw wil ik oproepen, en ik zal tussendoor vertellen wat er gebeurt als iemand sterft, wat men geesten noemt, en ook hoe bijgeloof en bepaalde voorwerpen en formules werken en ons kunnen sturen.’

Koen Peeters draagt zijn boek op aan Renaat Devisch en aan zijn familie. Renaat die zich nu het liefst als de oude Remi laat benoemen omdat het boek aan levenservaringen raakt waar hij vanuit deze fase van zijn leven op reflecteert. En tegelijk raakt het boek aan zoveel meer, dat ons allen aangaat. Het overstijgt de grenzen van een mensenleven en bezit hierdoor een universele grond.

De zoektocht van de mens naar heling, naar het integreren van het onbekende dat zich ongrijpbaar en toch ook nabij laat ervaren.

Aan het einde van het boek licht Koen Peeters het volgende toe:

‘Ten slotte, voor iedereen die deze Congoroman goed wil begrijpen, ik wil met dit verhaal geenszins het primitieve, het hart van de duisternis in ‘hen’ in Afrika aanduiden, maar veeleer wil ik het scherp aanwijzen in ‘ons’, dat betekent: in de lezer en in de schrijver. Want eenieder zoekt op elk moment van de tijd, op elke plaats ter wereld, zijn eigen duistere raadsels uit.’

Koen Peeters ontving in 2017 voor zijn boek de ECI Literatuurprijs.

Uit het juryrapport: ‘De jury kiest voor een helder geschreven boek dat het anekdotische overstijgt, een boek dat raakt aan het onzegbare en ons leert dat we niet moeten zoeken naar de waarheid, maar naar de bron’.

De ECI Literatuurprijs is de bekroning voor het beste Nederlandstalige literaire boek in de categorieën fictie en non-fictie van het afgelopen jaar. De ECI Literatuurprijs wordt jaarlijks uitgereikt door een jury van beroepsrecensenten uit Nederland en Vlaanderen. De prijs was vroeger bekend als de AKO Literatuurprijs.

Eerder op de avond ontving Koen Peeters ook de Lezersprijs, die dit jaar voor de tweede maal werd uitgereikt. Ook vorig jaar gingen beide prijzen naar dezelfde schrijver.

Het volgende leen ik van de kaft van het boek:

Koen Peeters ( 1959 ) is de auteur van een rijk en veelbekroond oeuvre. Met De postbode (1993 )won hij de NCR prijs en Grote Europese roman (2007) stond op de shortlist van De Libris Literatuur Prijs en werd in verschillende talen vertaald. Met zijn roman De bloemen (2009) stond hij op de shortlist van de AKO Literatuurprijs en won hij de F. Borderwijk-prijs. Zijn laatste roman, Duizend heuvels (2012), kreeg de E. du Perronprijs.

De mensengenezer beschouw ik als een boek dat existentiële thema’s aanraakt en een zoektocht in kaart brengt die uitnodigt tot een eerlijke reflectie over verwonding, heling, verbondenheid en een menselijkheid die wortelt in respect voor het leven en de diversiteit waarmee dit leven in rituelen, een levenshouding, relaties en cultuur vormt aanneemt.

Ontstaan uit een vruchtbare dialoog tussen de schrijver en de oude Remi, die een peilen naar diep menselijke waarden blootlegt en uitnodigt tot een open vrije geest om waar het in wezen in het leven omgaat vruchtbaar met elkaar uit te wisselen.